|
A l l e s b e h a l v e d e l i e f d e
poëziewedstrijd voor jongeren van 16 t/m 29 jaar
2e ronde |
||
|
Deelnemers aan de tweede ronde:
MIR -
Femke Vindevogel -
jago -
jerry -
Lindsay Van den Abbeele -
Tsjarlie Tsjapling -
Pim te Bokkel -
Lucas Laherto Hirsch -
Hash -
Lux -
Ismene -
Myrte Mooi -
X Roelens -
David Troch -
Jill Bertels -
Daryl Eaves -
Robert Nouwen -
Charles Achterhuijzen
|
Hash
(1987)
|
Sonnet Als muze altijd al een lichtgewicht dat kwam door haar dikke kont. D’r scheetjes schetterden ongezond en haar lompe pas was ook al geen gezicht Hoe ze rood werd als ze minnend zweette. Twee bruine vlekjes aan haar linkerborst, In het weekend haar te grote dorst Hoe ik nooit écht haar liefste heette En toch; zoals ik was, was zij. Soms denk ik met enig verdriet hoe haar vingers vlinders waren en vreeën met m'n haren. Zacht loopt zij in mij voorbij. Van haar herstel ik niet Toen de avond Toen de avond struikelde over de nieuwe straatstenen en viel. en me hielp jou te beschermen. Kijk hoe hij zachtjes nacht werd en jij in m’n armen groeide op de toppen van onze tenen. Stilletjes Het gebouw naast de lindebomen Ik steek m'n armen in de armen van de jas die de jouwe was toen je iets meer jaren had dan ik nu heb Ze ruikt een beetje naar stof en naar leer Ze knelt ook wat en de rits van je linkerzak zit vast. Ik vond ze op zolder In een oude doos samen met wat foto's Ik ontdekte jouw jeugd; Wie je was Je eerste motor, je blauwe kever Toch vond ik niet wat ik zocht: Het gebouw dat vroeger naast de lindebomen stond. |